
Ordening op de spoormarkten: ‘Reizigers hebben belang bij eerlijke concurrentie’
In de Tweede Kamer staan belangrijke vraagstukken over het openbaar vervoer op de agenda. Allereerst de ordening op de spoormarkt en daarnaast de omvorming van ProRail naar een publiekrechtelijk zelfstandig bestuursorgaan. Beide belangrijke discussies, waarvan de uiteindelijke keuzes effecten hebben op de kwaliteit van het openbaar vervoer. FMN deelt graag haar visie over de ordening op de spoormarkten.
Allereerst een korte situatieschets: het vraagstuk in de Kamer gaat over ordening op de spoormarkt en draait om het toekomstig hoofdrailnet (inclusief Hogesnelheidslijn-Zuid), de mogelijke verdere decentralisatie van spoorlijnen en de rol van de concessieverleners. Voor FMN staan twee belangrijke thema’s voorop: het gelijke speelveld en de impact van het Vierde Spoorpakket op de spoorordening.
Zorg voor eerlijke concurrentie
Het openbaar vervoer in Nederland is voor velen van belang, maar de kwaliteit blijft soms achter bij wat haalbaar is. De discussie over ordening op het spoor gaat dan ook met name over het domein waarin NS wordt toegestaan om zich te bewegen. FMN gelooft dat eerlijke concurrentie leidt tot gezonde competitie en beter openbaar vervoer. Dat leidt alleen tot resultaat, als de startpositie van alle vervoerders bij een aanbesteding gelijk is: pas dan kan concurrentie draaien om kwaliteit, service en laagste prijs van het aanbod van partijen. Daarom roept FMN het kabinet en de Kamer op om grondig aandacht te besteden aan het gelijke speelveld en dat gelijk te trekken tussen NS en de andere aanbieders voordat de eerstvolgende aanbesteding van regionale spoorlijnen zich aandient. De leden van FMN zien de concurrentie met NS in de regio met vertrouwen tegemoet, maar alleen als alle partijen in een gelijke startpositie verkeren.
Verleen toegang tot het hoofdrailnet
Ook het Vierde Spoorpakket van de EU speelt volgens de FMN een belangrijke rol. Het pakket draait bijvoorbeeld om de verplichtingen om open access te verlenen en het hoofdrailnet aan te besteden. Het pakket moet per 1 januari 2019 in Nederlandse wetgeving zijn gegoten, maar voor die tijd is er nog veel te doen: de open access-verplichting lijkt het hoofdrailnet de komende jaren nog niet te treffen, terwijl de hoofdregel uit het EU-pakket (“aanbesteden, tenzij”) in Nederland een omgekeerde uitleg dreigt te krijgen. Daarmee wordt het speelveld nog verder verstoord. FMN heeft daarom aangedrongen op een tijdige, volledige, evenwichtige en compliant implementatie van de EU-regels.
Uitgebreidere standpunten van de FMN over ordening op de spoormarkt kunt u hier lezen.
In de Kamer spreekt men vandaag ook over de herpositionering van ProRail. Ook benieuwd naar onze visie hierop? Lees dan hier de standpunten van de FMN.