skip to Main Content
Tweede Infractieprocedure EC Tegen Gunning HRN-concessie Aan NS

Tweede infractieprocedure EC tegen gunning HRN-concessie aan NS

Op 13 maart jl. stuurde de Europese Commissie (EC) een aanvullende ingebrekestelling naar de Nederlandse regering over het niet nakomen van de verplichtingen die het Vierde Spoorpakket aan Nederland oplegt. Het Vierde Spoorpakket beoogt om binnen de Europese spoorwegmarkt te komen tot gereguleerde concurrentie omdat dit leidt tot aantrekkelijker’ en innovatievere diensten tegen lagere kosten, zonder dat de openbare diensttaken daaronder lijden. Uitgangspunt daarbij is dat eerst nagegaan wordt via een zgn. marktanalyse welke verbindingen door de aanbieders in de markt zelf tot stand gebracht kunnen worden. Pas daarna wordt gekeken naar welke verbindingen in een concessie gegoten moeten worden, omdat de markt daarvoor onvoldoende belangstelling toont. Nederland koos er echter voor om deze marktanalyse niet uit te voeren en in plaats daarvan een groot aantal lijnen (zo’n 95% van de totale markt) aan NS toe te kennen op basis van directe gunning zonder het potentiële marktaanbod te bestuderen.

De EC bekritiseerde Nederland al in augustus 2023 met een eerste ingebrekestelling. De EC stelt daarin dat de lange implementatietermijn van de nieuwe concessie (gunning per december 2023; ingang per januari 2025) niet gerechtvaardigd is in het licht van de eisen uit het Vierde Spoorpakket. Die stellen immers dat concessies vanaf 2025 niet langer onderhands gegund mogen worden.

De EC vulde dat op 13 maart jl. aan met een tweede ingebrekestelling waarbij zij constateert dat de omvang van de nieuwe, aan de NS gegunde concessie te groot lijkt en dat dit komt omdat Nederland “onvoldoende geanalyseerd heeft welke vervoersdiensten door marktdeelnemers onder commerciële, open-toegangsvoorwaarden zouden kunnen worden aangeboden”.

Nederland heeft nu twee maanden de tijd om op deze tweede ingebrekestelling te reageren. Doet zij dat niet of niet op een manier die de zorgen van de EC wegneemt, dan kan de EC een zgn. “reasoned opinion” sturen waarin zij haar zorgen nogmaals uiteen zet. Die kan uitmonden in een gang naar het Europese Hof van Justitie waarbij de EC Nederland daagt om haar verplichtingen alsnog na te komen.

Reactie FMN

Anne Hettinga, voorzitter van de Federatie Mobiliteitsbedrijven Nederland: “Wij hebben steeds gezegd dat ons land zich niet aan de Europese regels houdt en daarmee kansen op beter ov ontneemt aan de reiziger. Er liggen tal van voorstellen van andere vervoerders bij de regering om spoorlijnen anders én beter te bedienen dan nu gebeurt. Daar is niet naar gekeken; de reiziger krijgt een kopie van wat ze al had. We zijn daarom blij dat de Europese Commissie daar nu kritisch naar kijkt.”

Overige procedures

De Federatie Mobiliteitsbedrijven Nederland heeft daarnaast zelf juridische procedures aangespannen tegen de gunning van de hoofdrailnetconcessie. Ook andere partijen zoals het Europese AllRail en FlixTrain deden dat. Deze procedures dienen in de komende maanden.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Back To Top